gaat nieuw avontuur aan
© Robbert Bos
(ex-CliniClown)
Per
1 september 1998 nam drs. Guido Wiersma afscheid als
directeur van de Stichting Cliniclowns Nederland. Begin
1995 nam hij de touwtjes in handen, in een enerverende
periode waarin de organisatie in de groeifase
verkeerde. En hij vertrekt op een moment waarin de
stichting weer een nieuwe fase ingaat.
Druk,
druk
Part-time werkte hij als
directeur van de Cliniclowns, en part-time als
directeur van een internaat. Bij elkaar was dat méér
dan full-time. Zijn vrouw Carolien - zelf ook
directrice van een eigen bedrijf - ondersteunde hem
daarbij.
Voor allerlei belangen moest hij oog hebben. Zakelijk
letten op de inkomsten en uitgaven. De vinger aan de
pols houden op een kantoor waar het altijd een drukte
van jewelste was.
Van hoog tot laag
En
dan de enorme hoeveelheid contacten met donateurs,
actievoerders en sponsors. Die namen een groot deel van
zijn tijd in beslag.
Hij ontmoette notarissen,
scholieren, burgemeesters, sporters, directeuren,
kunstenaars, militairen, zakenlui, artsen,
verpleegkundigen, pedagogisch medewerkers. Maar ook
commissarissen, burgemeesters, ambassadeurs, en andere
hoogwaardigheidsbekleders. En clowns natuurlijk:
snuiters uit weer een heel andere wereld.
Jezelf blijven
Dat betekende: toespraken
houden op dorpspleinen, scholen bezoeken, ontbijten
tijdens een “champagne-breakfast” met vijf
gangen, cheques in ontvangst nemen bij bedrijven,
tochten met koetsen in het hoge Noorden, diners in
smoking, sjieke feestavonden, startschotten geven voor
sponsorlopen, vergaderen in ziekenhuizen, uren wachten
in tv-studio’s voordat hij een paar minuten wat
mocht zeggen voor de camera’s.
Altijd maar moest hij
zichzelf zien te blijven in de meest uiteenlopende
situaties. Dat ging hem goed af. En hij kan er
smakelijk over vertellen.
Ontsnapt
aan bodyguard
Eens moest hij plotsklaps
naar Athene om een prijs voor de Cliniclowns in
ontvangst ten nemen. Hij mocht er alleen met een
Griekse lijfwacht over straat, maar wist daar - door de
keuken kruipend - aan te ontkomen. Van de portier
leerde hij hoe hij in het Grieks de laatste zin van
zijn toespraak moest uitspreken. Dat was niet zo maar
een praatje: voor het eerst van zijn leven moest hij
800 mensen toespreken, in het bijzijn van de Griekse
president en allerlei ambassadeurs. “Gelukkig heb
ik een duidelijke stem, en kon ik door al die
schijnwerpers toch niemand zien”, zei hij
achteraf.
Ambassadeurs uitgebroed
Een van de waardevolste
dingen die hij voor de Cliniclowns deed, was het in
’t leven roepen van de
“ambassadeurs”. Hij vond het essentieel dat
er een team ontstond van vrijwilligers die in het hele
land de stichting konden ondersteunen. Dit om de
Cliniclowns steeds meer te integreren in alle lagen van
de maatschappij. Dat team is er gekomen en bestaat uit
zo’n zeventig enthousiaste ambassadeurs. Zij
nemen nu het grootste deel van de representatieve taken
voor hun rekening.
Koel hoofd
Om
clowns-kolder kon hij smakelijk lachen, maar hij had
ook een enorm incasseringsvermogen als het er eens
minder vrolijk aan toe ging. Het is onvermijdelijk: als
je directeur bent, ligt af en toe het vuur aan je
schenen… Als de gemoederen tijdens de onstuimige
groeifase van de stichting eens flink verhit raakten,
wist hij verbazend goed het hoofd koel te houden.
Grote
hoogte
Wat hij verder gaat doen?
Eerst lekker een poosje rustnemen. dat is nummer één.
Ruim de tijd nemen voor zijn bonte verzameling dieren.
Een trektocht voorbereiden naar de Himalaya. Een boek
schrijven over belevenissen in internaten. En
waarschijnlijk weer een project helpen opstarten voor
kinderen. Want daar ligt zijn hart.
We
bedanken hem voor zijn enorme inzet en integriteit, en
wensen hem een toekomst vol avontuur, gezondheid en
plezier toe!
(Gepubliceerd in:
Cliniclowns Nieuws, herfst
1998)
