Clini Clowns anecdotes
© Robbert
Bos (ex-CliniClown)
Drie
maanden
Op de afdeling liggen twee baby’s van drie
maanden. Net zo oud als de baby van Pien, mijn clowns
partner. Dat wordt spannend voor Pien…
De eerste baby is wegens sociale omstandigheden
opgenomen. Vanmiddag krijgt het nieuwe ouders. Haar
natuurlijke ouders zijn ontheven uit de ouderlijke
macht en zitten in de cel. Een verpleegkundige heeft
haar op de arm. Ze kijkt met grote ogen naar onze rode
neuzen en zeepbellen, luisterst aandachtig naar clown
Pien’s geneurie en mijn mondharmonica. Geen angst
te zien, dat is goed. De verpleegkundige ook
blij…
Van de tweede, een jongentje, is de kwaal onbekend,
maar we horen wel dat hij binnenkort zal overlijden. De
pedagogisch medewerker vertelt ons dat de vader graag
wil dat we komen, maar dat de moeder het er erg
moeilijk mee heeft.
Als we uiteindelijk voor hun deur staan, schiet een
verpleegkundige op ons af en vertelt dat we toch maar
niet naar binnen moeten gaan, omdat de moeder het niet
wil.
Maar even later komt dezelfde verpleegkundige ons
vragen of we toch maar wel
komen.
Goed, erop af dus. De vader zit op bed, met het kind in
z’n armen. Moeder staat naast het bed.
Oogcontact. Beweging. Een zacht mondharmonica-deuntje.
Het jochie kijkt, volgt ons met z’n ogen. Moeder
straalt. Tijdens het muziekmaken zie ik hoe de situatie
verandert.
Tranen biggelen over vaders wangen. Mijn vlak - voor de
baby zittende - partner krijgt een knalrood hoofd. De
moeder slikt. Ik krijg een brok in mijn keel en voel
tranen opwellen. Als vanzelf gaat wonderbaarlijk genoeg
de muziek gewoon door, heel zacht.
Even later staan we buiten. We moeten naar nog een
kind, maar Susan zegt: “Even time-out”. In
de garderobe komen we weer bij. “’t Is dat
we naar nog een kind moesten”, anders was ik in
huilen uitgebarsten”, zegt Susan later.
Niet alleen zij. Zo vreemd, zij als kersverse moeder,
geconfronteerd met een baby wiens ouders haar niet
willen en kunnen opvoeden, en daarnaast ouders die
niets liever willen dan hun kind, maar het juist moeten
loslaten. En ik heb ook een dochter, al is die zowat
volwassen.
Als we het ziekenhuis verlaten, vertellen zowel de
verpleegkundige als de pedagogisch medewerker dat de
ouders het fantastisch vonden. Of we volgende keer
alsjeblieft weer terugkomen. Dus dat doen we. Nog twee
keer. Dan is het kindje er niet meer...
Maanden later krijgen we per email nog een bedankje van
de ouders.
